Overprikkeling na een hersenaandoening

Overprikkeling

Wat is overprikkeling?

Alle signalen die ons brein bereiken zijn prikkels. Je kunt prikkels zien, horen, voelen, ruiken en proeven (externe prikkels). Interne prikkels komen van binnenuit, zoals gedachten, gevoelens en emoties.

Ons brein selecteert informatie die belangrijk is en filtert de prikkels die niet belangrijk zijn. Bij overprikkeling hebben de hersenen moeite met het filteren of verwerken van prikkels.

De drempel voor overprikkeling ligt bij iedereen anders. Alhoewel overprikkeling dus iedereen kan overkomen, komt dit vaker en sneller voor bij mensen met een hersenaandoening zoals niet-aangeboren hersenletsel en dementie. Overprikkeling is dan meestal ook heviger aanwezig.

Window of tolerance

De window of tolerance

De window of tolerance is de ruimte waarin je prikkels goed kunt verwerken. Als je binnen deze ruimte blijft, kun je rustig reageren op wat er om je heen gebeurt. Bij overprikkeling raak je buiten deze ruimte, waardoor je je gespannen, angstig, gefrustreerd of juist uitgeput voelt. Door hersenletsel kan je tolerantieruimte kleiner worden.

Vormen van overprikkeling

Afhankelijk van het type prikkels waar iemand meer moeite mee heeft of op dat moment te veel van ervaart, wordt er gesproken over verschillende vormen van overprikkeling:

  • Zintuigelijke overprikkeling heeft te maken met prikkels die binnenkomen via de zintuigen, zoals geluid, licht en geur. Voor iemand met een hersenaandoening kunnen achtergrondgeluiden bijvoorbeeld net zo hard binnenkomen als de stem van de gesprekspartner of kunnen veranderingen in lichtsterkte snel overweldigend zijn.
  • Cognitieve overprikkeling gebeurt door mentale belasting. Bijvoorbeeld wanneer je te veel beslissingen moeten nemen of nieuwe informatie moet verwerken.
  • Emotionele overprikkeling gebeurt wanneer je je emoties moeilijk kunt reguleren. Dat kan zijn omdat je op dat momenteel erg veel emoties ervaart of omdat emoties over het algemeen heel intens bij je binnenkomen.
Window of tolerance-crowd

Onderprikkeling

Onderprikkeling na hersenletsel bestaat ook. Bij kinderen met ADHD zie je weleens dat zij zich beter kunnen concentreren wanneer ze veel bewegen. Door meer stimuli komen zij weer in hun window of tolerance.

Hemispatieel neglect is een speciale vorm van onderprikkeling die kan ontstaan hersenletsel. De persoon heeft moeite om voorwerpen en geluiden aan één kant op te merken omdat de hersenen niet goed reageren op prikkels uit die richting. Vaak hebben deze mensen in een drukkere omgeving minder last van het neglect; doordat er meer prikkels zijn, dringen ook meer prikkels door en kan de aandacht toch naar de aangedane kant worden verplaatst. 

Overprikkeling 1

Een overprikkeld brein: symptomen

Een overprikkeld zenuwstelsel kan zich op verschillende manieren uiten. Je kunt je moe, gespannen of snel geïrriteerd voelen. Sommige mensen worden emotioneel. Ze beginnen bijvoorbeeld te huilen of worden boos. Anderen trekken zich liever terug, omdat ze behoefte hebben aan rust en stilte. Concentratieproblemen en hoofdpijn worden ook vaak als overprikkeling symptomen genoemd.

Als deze klachten door de hersenaandoening al aanwezig zijn, kan overprikkeling ervoor zorgen dat de klachten (tijdelijk) heviger worden.

Omgaan met overprikkeling na een hersenaandoening

Wanneer je door een hersenaandoening zoals NAH en dementie met overprikkeldheid te maken krijgt, is het belangrijk om je nieuwe grenzen te leren kennen en inzicht te krijgen in de situaties of type prikkels die tot overprikkeling leiden.

Daarnaast kunnen er verschillende hulpmiddelen, aanpassingen en therapieën toegepast worden om de persoon te leren omgaan met overprikkeling in het dagelijks leven en om de window of tolerance te verbreden:

  • Psychotherapie: bij cognitieve gedragstherapie worden gedachtes geanalyseerd. Hierdoor kun je leren je blik op bepaalde prikkels en situaties aan te passen, wat kan bijdragen aan een gevoel van meer rust. Acceptance and commitment therapie helpt je om overprikkeling te accepteren en er minder tegen te vechten, zodat je beter kunt omgaan met situaties die je niet kunt veranderen.
  • Omgevingsaanpassingen en externe filters zoals minder fel licht in de woon- of werkruimte en het gebruik van noise cancellation.
  • Mindfulness helpt om het lichaam en de geest te ontspannen, waardoor iemand beter om kan gaan met prikkels en minder snel overprikkeld raakt.
  • Met aandachtstraining leer je via praktische oefeningen je aandacht te richten op wat op dat moment belangrijk is, waardoor je prikkels beter leert filteren.
  • Er zijn verschillende hulpmiddelen die helpen overprikkeling te voorkomen of goed te blijven functioneren tijdens overprikkeling. De BBrain Family is hier een voorbeeld van. Deze klok ondersteunt bij dagelijkse planning en structuur. Wanneer je geregeld met een overprikkeld brein te maken krijgt, is het belangrijk voldoende rust voor en na activiteiten in te bouwen. Dit vergt overzicht in routines en afspraken. Daarnaast herinnert de klok je tijdig aan je afspraken en routines, wat handig is wanneer je daar zelf even geen aandacht of ruimte voor hebt.
Helping

Wat kun je als naaste doen voor iemand met overprikkeling?

Het proces voor jou als naaste is deels vergelijkbaar met het proces van de persoon met overprikkeling: het leren herkennen van de prikkels en situaties die voor overprikkeling zorgen.

Van de buitenkant is het moeilijk te zien of iemand last heeft van overprikkeling. Een hersenaandoening heeft veel van deze ‘’onzichtbare’’ gevolgen. Bovendien ken je de persoon met hersenletsel ook van vóór het letsel. Toen lag de drempel voor overprikkeling ergens anders.

Wat nodig is verschilt per persoon en is afhankelijk van de situatie. Het is daarom belangrijk om hier met elkaar over te blijven praten.

Als je de signalen van overprikkeling op tijd herkent bij je naaste, kun je hem/haar aanmoedigen om te rusten of om een prikkelarme omgeving op te zoeken. Je kunt in huis samen een rustige plek maken en afspraken maken hoe je buitenhuis kunt helpen met het buitenhouden van verdere prikkels.

Ook je communicatie is belangrijk. Zeg bijvoorbeeld niet ‘Ga je nu al weg?’ als iemand maar kort op een feestje blijft. Vertel hoe fijn je het vindt dat diegene erbij was. Voor iemand met overprikkeling kan een kort bezoek namelijk al een hele uitdaging zijn.

Bronnen